Welke bevoegdheden heeft de MR?

De MR heeft een aantal rechten of bevoegdheden die zijn vastgelegd in de Wet medezeggenschap op scholen (WMS).

Informatierecht

Het informatierecht houdt in dat het bevoegd gezag (directie) tijdig de MR informatie moet verschaffen, zodat de MR in staat is zijn werk te doen.

Instemmingsrecht

Het instemmingsrecht wil zeggen dat de MR voor bepaalde zaken instemmingsrecht heeft. Het bevoegd gezag heeft de instemming van de MR of een geleding nodig . Het schoolbestuur kan zonder instemming van de MR dergelijke besluiten niet nemen of uitvoeren.

De MR heeft onder andere instemmingsrecht op de volgende zaken:

  • Verandering van de onderwijskundige doelstelling van de school
  • Vaststelling of wijziging van het schoolplan
  • Vaststelling of wijziging van het schoolreglement
  • Vaststelling of wijziging van de regels op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijnsbeleid.

Adviesrecht

Het bevoegd gezag moet voor een aantal zaken advies vragen aan de MR. Het schoolbestuur moet elk advies van de MR serieus nemen. De MR kan gevraagd en ongevraagd advies geven. Het bevoegd gezag is niet verplicht om het advies van de MR over te nemen. De bestuurder mag het advies naast zich neerleggen.

De MR heeft onder andere adviesrecht op de volgende zaken:

  • Vaststelling of wijziging van het meerjarig financieel beleid
  • Regeling van de vakantie
  • Nieuwbouw of belangrijke verbouwing van de school
  • Vaststelling of wijziging van het schoolondersteuningsprofiel
  • Beleid ten aanzien van aanstelling- en ontslag

De MR heeft ook nog recht op overleg. Dit betekent dat de MR of een geleding daarvan het recht heeft om te overleggen met het bevoegd gezag over alle zaken die met de school te maken hebben. Het initiatiefrecht houdt in, dat de MR voorstellen aan het bevoegd gezag mag doen en standpunten duidelijk mag maken.